Dit zijn de wijzigingen voor ondernemers met personeel vanaf 2020

Nu de kabinetsplannen voor 2020 bekend zijn, kunnen HR professionals zich gaan voorbereiden op de vele wijzigingen die op stapel staan. Zoals het extra betaalde geboorteverlof, de langere ketenregeling en het nieuwe ontslagrecht. Maar bijvoorbeeld ook de langverwachte compensatie van de transitievergoeding na langdurig ziekte, of de ruimere werkkostenregeling en de fiets van de zaak.

Hieronder volgt een uitgebreid overzicht met de belangrijkste wijzigingen voor HR in 2020.

Vijf weken extra geboorteverlof

Partners krijgen vanaf 01 juli 2020 na de geboorte van een kind vijf weken extra geboorteverlof, op te nemen in de eerste zes maanden na de bevalling. Het geboorteverlof bedraagt sinds 1 januari 2019 al 1 week met behoud van loon. Dit wordt aangevuld met 5 weken, waarbij de werknemer een uitkering ontvangt van het UWV. De uitkering bedraagt 70% van het dagloon, gemaximeerd op 70% van het maximum dagloon.

Het aanvullende geboorteverlof mag pas worden opgenomen als de eerste week geboorteverlof met behoud van loon volledig is gebruikt. Verder moet het extra verlof dus binnen 6 maanden na de dag van de bevalling worden opgenomen.

Invoering Wet arbeidsmarkt in Balans

De Wet arbeidsmarkt in Balans (WAB) wordt op 1 januari 2020 ingevoerd en daarmee wijzigt onder andere het ontslagrecht, de ketenregeling en het recht op transitievergoeding.

Het kabinet wil met de WAB verschillen tussen vast en flexwerk verkleinen, net als het verschil tussen werknemers en zzp’ers. Voor werkgevers wordt het aantrekkelijker om mensen een vast contract aan te bieden. Flexwerkers worden duurder, onder meer omdat de WW-premie voor flexwerkers 5 procentpunt hoger wordt. In het schema hieronder zie je een overzicht van de belangrijkste wijzigingen van de WAB:

Eenvoudiger ontslag

Ontslag wordt ook mogelijk als er sprake is van een optelsom van omstandigheden, de zogenaamde cumulatiegrond. Nu moet de werkgever aan één van de acht ontslaggronden volledig voldoen.
Straks krijgt de rechter de mogelijkheid de ontslaggronden te combineren (m.u.v. ontslaggronden a en b, bedrijfseconomische redenen en arbeidsongeschiktheid). De werknemer kan een halve transitievergoeding extra krijgen (bovenop de transitievergoeding), wanneer de cumulatiegrond gebruikt wordt voor het ontslag.

Vanaf dag 1 transitievergoeding

Werknemers krijgen vanaf de eerste dag recht op een transitievergoeding, ook tijdens de proeftijd.

Lagere transitievergoeding bij lang dienstverband

De opbouw van de transitievergoeding wordt verlaagd bij lange dienstverbanden.

Bedrijfsbeëindiging kleine werkgevers

Er komt een regeling voor kleine werkgevers om de transitievergoeding te compenseren als ze hun bedrijf moeten beëindigen wegens pensionering of ziekte. Dit wordt verder uitgewerkt in aanvullende regelgeving.

Géén langere proeftijd bij vast contract

Het oorspronkelijke plan om de proeftijd voor vaste contracten te verlengen naar vijf maanden is door de Tweede Kamer afgekeurd.

Ketenregeling weer terug naar 3 jaar

De opeenvolging van tijdelijke contracten wordt verruimd. Nu is het mogelijk om drie tijdelijke contracten te bieden in twee jaar. Dit wordt straks weer 3 jaar.

Pauze tussen contracten verkorten per cao

Ook wordt het mogelijk om de pauze tussen een keten per CAO te verkorten van zes naar drie maanden als er sprake is van terugkerend tijdelijk werk dat maximaal negen maanden per jaar kan worden gedaan.

Payroll wordt duurder

Werknemers die op payrollbasis werken, krijgen dezelfde arbeidsvoorwaarden als de werknemers die in dienst zijn bij de opdrachtgever, met uitzondering van pensioen waar een eigen regeling voor geldt. De definitie van de uitzendovereenkomst wordt niet gewijzigd.

Oproepkracht hoeft niet altijd beschikbaar te blijven

Er worden maatregelen genomen om verplichte permanente beschikbaarheid van oproepkrachten te voorkomen. Zo moet een werknemer minstens vier dagen van tevoren worden opgeroepen door de werkgever. Ook houden oproepkrachten recht op loon als het werk wordt afgezegd. De termijn van 4 dagen kan bij CAO worden verkort tot 1 dag.

Hogere ww-premie voor tijdelijke werknemers

De ww-premie wordt voor werkgevers hoger voor werknemers met een tijdelijk contract. Voorheen was de hoogte van de ww-premie afhankelijk van de sector. Vanaf 2020 gaan de premies met 5 procentpunt omhoog voor tijdelijk werk.

Compensatie transitievergoeding langdurig ziekte

Werkgevers worden vanaf 1 april 2020 gecompenseerd voor de transitievergoeding die zij moeten betalen bij het ontslag van langdurig zieke werknemers. De compensatie komt uit het Algemeen werkloosheidsfonds, waarvoor werkgevers meer premie gaan afdragen.

De regeling kent een terugwerkende kracht vanaf 2015 en nog vòòr 1 oktober 2020 moeten de aanvragen voor compensatie van vergoedingen betaald tussen 1 juli 2015 en 31 maart 2020 zijn ingediend. De compensatie is afhankelijk van de hoogte van de betaalde transitievergoeding. Het is voor werkgevers nu dus niet meer nodig om werknemers ‘slapend’ in dienst te houden.

Verruiming Werkkostenregeling (WKR)

Werkgevers krijgen vanaf 2020 tot € 2.000,00 meer ruimte om hogere onbelaste vergoedingen te geven aan hun werknemers. De Werkkostenregeling (WKR), waarmee werkgevers bijvoorbeeld een kerstpakket of een bedrijfsuitje kunnen geven, wordt verruimd voor de eerste 400 duizend euro van de loonsom. Dit gebeurt om vooral de arbeidslasten voor het midden- en kleinbedrijf te verlagen.

Op dit moment mogen werkgevers uit de vrije ruimte tot 1,2% van de totale loonsom onbelast vergoeden of verstrekken. Daarnaast zijn bepaalde onbelaste vergoedingen vrijgesteld, zoals voor reiskosten, een telefoon of opleidingskosten. Het kabinet gaat straks een twee-schijvensysteem hanteren bij het vaststellen van de vrije ruimte. Tot een loonsom van € 400.000 zal een hoger percentage (1,7 procent) worden toegepast. Hierdoor krijgen werkgevers tot € 2.000 extra vrije ruimte tot hun beschikking.

Fiets van de zaak

Vanaf 1 januari 2020 wordt het eenvoudiger om een 'fiets van de zaak' te rijden. Werknemers die van hun werkgever een fiets ter beschikking krijgen, hoeven daarover jaarlijks slechts 7% bijtelling te betalen. Dat kan dan ook een duurdere elektrische (lease-)fiets zijn. Werknemers hoeven geen ingewikkelde administratie meer bij te houden voor gereden privékilometers.

Bijtelling elektrische auto

De bijtelling voor elektrische auto’s gaat omhoog naar 8%, mits de cataloguswaarde van de auto niet hoger is dan €45.000. Voor alle andere auto’s blijft de bijtelling 22 procent.

AOW-leeftijd

Door het overeengekomen pensioenakkoord blijft de AOW-leeftijd in 2020 en 2021 gefixeerd op 66 jaar en vier maanden (was 67 jaar in 2021). Na 2021 stijgt de AOW-leeftijd weer verder, maar de opbouw verloopt langzamer dan vòòr het pensioenakkoord: niet langer één jaar later voor ieder extra levensjaar, maar 8 maanden later voor ieder extra levensjaar. Dit geeft sociale partners lucht om op sectoraal niveau afspraken te maken over mensen in zware beroepen.

Samen met werkgevers- en werknemersorganisaties werkt het kabinet de overige afspraken uit het pensioenakkoord de komende periode uit. In 2022 moet het wettelijk kader voor de pensioenvernieuwing gereed zijn.

Leven Lang Ontwikkelen

Iedereen moet vitaal, flexibel en duurzaam inzetbaar blijven in een veranderende arbeidsmarkt. Het moet vanzelfsprekend worden dat werknemers en werkgevers investeren in de ontwikkeling tijdens de hele loopbaan, met nadruk op eigen regie. Er komt daarom een zogenoemd STAP-budget (STimulans ArbeidsmarktPositie) voor iedereen tot de AOW-gerechtigde leeftijd, zowel voor werknemers als voor werkzoekenden zonder baan.

Verder werkt het kabinet aan een subsidieregeling om Leven Lang Ontwikkelen (LLO) te stimuleren in het midden- en kleinbedrijf, in de landbouw-, horeca- en recreatiesector.

Arbo: RI&E en beroepsziekten

Elke werkgever moet gezondheids- en veiligheidsrisico’s inventariseren, hiervoor maatregelen treffen en deze evalueren. Dat wordt nog niet door alle (kleine) werkgevers gedaan, daarom zet het kabinet meer in op naleving hiervan.

Schadeafhandelingen van beroepsziekten, moeten in de toekomst gemakkelijker worden, minder kostbaar en minder tijdrovend. Het kabinet heeft een commissie ingesteld die hierover gaat adviseren.

Verplicht rookbeleid voeren

Vanaf 2020 moeten organisaties verplicht HR-beleid voeren om de organisatie rookvrij te krijgen. Verschillende tussenstappen moeten roken steeds minder ‘normaal’ maken. Zo zijn rookvrije schoolterreinen vanaf 2020 verplicht en worden rookruimten in de horeca uiterlijk juli 2022 gesloten. Het rookverbod wordt vanaf 2020 bovendien uitgebreid voor de e-sigaret met en zonder nicotine. Bedrijfsartsen nemen rookgedrag mee in elk contact en zullen roken ontmoedigen door tools aan te bieden om te stoppen met roken.

Arbeidsmarkt moet ‘inclusiever’ worden

Het kabinet maakt voor 2020-2021 in totaal 53 miljoen euro extra vrij om de arbeidsmarkt inclusiever te maken en mensen met een beperking te ondersteunen bij het vinden van een baan. Ook worden de regels rondom de Wajong per 1 januari 2020 eenvoudiger, zodat het voor Wajongers aantrekkelijker wordt om meer te gaan werken of onderwijs te volgen.

Breed offensief voor mensen met een beperking

Onder de noemer Het Breed Offensief wordt het voor werkgevers eenvoudiger om mensen met een beperking in dienst te nemen en te houden. Voor mensen met een beperking moet werken bovendien meer gaan lonen. In de tweede helft van 2019 komt hiervoor een wetsvoorstel.

Nieuwe regels loondoorbetaling bij ziekte

In 2021 gaan er nieuwe regels rond loondoorbetaling bij ziekte in.

Volgens de wet ben je verplicht een zieke werknemer twee jaar lang een deel van zijn loon door te betalen. Het kabinet presenteerde dit jaar een pakket aan maatregelen om de loondoorbetalingsplicht bij ziekte makkelijker, duidelijker en goedkoper te maken. De belangrijkste punten van de regels die vanaf 2021 ingaan zijn:

  • Compensatie loondoorbetaling Bedrijven krijgen een financiële tegemoetkoming van de overheid. De overheid trekt daar jaarlijks 450 miljoen euro voor uit. Het is de bedoeling dat de compensatie uiteindelijk alleen gaat gelden voor mkb-bedrijven met maximaal 25 werknemers (fte).
  • Verbetering re-integratie Het medische advies van de bedrijfsarts wordt leidend bij de RIV-toets (re- integratieverslag), er wordt ingezet op meer transparantie bij het UWV en werkgevers krijgen meer grip op de re-integratie tweede spoor (waarbij de werknemer re-integreert bij een andere werkgever).

Opdrachtgeversverklaring vervangt wet DBA

Werkgevers moeten nog een jaar wachten tot ze zekerheid hebben over de nieuwe maatregelen voor het inhuren van zzp’ers. Het kabinet vervangt op 1 januari 2021 de Wet Deregulering Beoordeling Arbeidsrelaties (Wet DBA). Tot de nieuwe wet ingaat, geldt er een overgangsperiode, dit betekent dat de Belastingdienst tot die tijd de Wet DBA niet handhaaft.

De nieuwe wet moet niet alleen schijnzelfstandigheid en concurrentie op arbeidsvoorwaarden tegengaan, maar ook zekerheid bieden aan zzp’ers en opdrachtgevers/werkgevers.

Minimum uurtarief

Dit jaar kwam al naar buiten dat minister Koolmees een minimum uurtarief van 16 euro voor zzp’ers wil invoeren. Zelfstandig ondernemers met een tarief van minimaal 75 euro krijgen een zelfstandigenverklaring: zij zijn vrijgesteld van loonheffingen en werknemersverzekeringen.

Voor de groep met tussenliggende uurtarieven wordt er een webmodule ingevoerd waar opdrachtgevers en werkgevers de aard van de samenwerking met een zzp'er vastleggen: de opdrachtgeversverklaring.

Ook na Prinsjesdag volg ik de ontwikkeling en de uitwerking van de plannen en blijf ik je op de hoogte houden over de gevolgen voor jou en je personeel. Heb je concrete vragen, laat het me dan weten. Zorg in ieder geval dat je mijn nieuwsbrief ontvangt waarin ik je sowieso op de hoogte houd en ook tips geef voor goed personeelsbeleid. Deze kun je hier aanvragen.